Duitsland, 1945. Als Hitler zelfmoord pleegt, neemt de moeder van Inge von Emmerich een wanhopige beslissing, waardoor Inge opeens niemand anders meer heeft dan haar vader. Hij werkt in een van de kampen en ze besluit hem op te zoeken. Maar in plaats van hem daar te vinden, doet ze een schokkende ontdekking: alles waarin ze ooit geloofde, blijkt een leugen te zijn. Uit angst neemt ze een nieuwe identiteit aan en wanneer een CIA-agent haar vervolgens een overtocht naar New York aanbiedt, grijpt Eva haar kans. De agent heeft echter één voorwaarde: ze moet meewerken aan Project Bluebird. Door middel van deze operatie wil de CIA de naziarts opsporen die afschuwelijke experimenten uitvoerde op gevangenen – haar vader. Maar Eva heeft zelf heel andere redenen om hem te vinden…
Bij een op waarheid gebaseerde roman is het onderscheid tussen feit en fictie soms moeilijk te duiden, zo ook bij deze. Wat Sharon schrijft over de door nazi's ontwikkelde technieken om het menselijk geheugen te resetten, is zo bizar dat het bedacht lijkt, maar het blijkt – onvoorstelbaar! – waargebeurd. Dat maakt dit verhaal, dat thrillerachtige trekjes vertoont, een vleugje romantiek kent, boeit tot en met en daardoor leest als een trein, zowel intrigerend als dat het je een beklemmend gevoel bezorgt. Maar het is meer dan dit alleen, want tegelijk is het een oproep om het juiste te doen, zelfs als dat moeilijk is, en een herinnering aan het feit dat iedereen, ongeacht wie en wat iemand (door zijn opvoeding) is, door liefde kan veranderen. Knap geschreven, dus.
'Het Bluebird-geheim' is een echte aandachtstrekker – hij trekt je aandacht van begin tot eind én trekt de aandacht vanwege zijn hoge niveau. Een aanrader eersteklas.