Het verhaal gaat over Olivier zelf, die op jonge leeftijd door een ongeluk zijn linkeronderbeen verliest. Van het ene op het andere moment lijkt zijn sportieve leven voorbij. Maar als verschillende mensen hem zeggen dat hij nog steeds kan zwemmen, besluit hij terug te vechten. Tijdens de revalidatie zet hij alles op alles; hij wordt fitter en sterker, leert met een kunstbeen te lopen en uiteindelijk mag hij weer zwemmen. En dan is Olivier niet meer te stuiten. Hij traint dagelijks, wordt almaar sneller – zelfs sneller dan zwemmers met twee benen – en twee jaar na het ongeluk wint hij goud bij de Friese kampioenschappen. Maar dat is slechts het begin, want Olivier heeft een droom: naar de Paralympics in Rio.
In de vorige editie van het boek las je niet of Olivier ook daadwerkelijk naar de Paralympics is gegaan, maar in deze wordt in het extra deel verteld hoe het verder ging en krijg je in woord en beeld een inkijkje in de wereld van de paralympische topsport. Daarnaast is het originele verhaal op basis van Oliviers herinneringen op allerlei plekken herschreven. Dat samen zorgt ervoor, zo durf ik ondanks dat ik de eerste versie niet heb gelezen wel te zeggen, dat deze uitgave nóg meer indruk maakt dan zijn voorganger – hij kruipt nóg meer onder je huid en is nóg inspirerender. En doordat alles met Coriens vlotte pen op papier is gezet, is er geen stoppen aan, als je eenmaal aan het boek bent begonnen; je leest het – soms met ingehouden adem en steevast met bewondering – in één ruk uit.
Zoals je begrijpt, werd ik dus erg blij van 'Kampioen 2.0'. Ik vind het boek dan ook een aanrader van de bovenste plank, voor jong én oud.